Deze week legt de Technische Dienst van het museum de allerlaatste hand aan de bouw van vitrines, vlonders, kasten en tafels voor de tentoonstelling ‘The making of …’. Het staal is allemaal gelast en geschilderd en de timmerman is nog bezig met de laatste loodjes wat betreft het houtwerk.

 

In de smederij zijn op verzoek van mode-ontwerpster Conny Groenewegen metalen kleerhangers gemaakt. Zij worden overtrokken met breilint, dat in het TextielLab op het oude rondbreimachientje is gebreid.

 

Daarna wordt al het materiaal naar de tentoonstellingszalen gebracht, waarna eind deze week en volgende week de inrichting gaat beginnen.

Bij een nieuwe tentoonstelling hoort een mailing. Er worden 30.000 flyers, 1500 uitnodigingen voor de opening en 1000 A3 posters verspreid. Die gaan naar andere musea, culturele instellingen, VVV kantoren, bibliotheken etc.

 

Een (beeld)verslag vanuit het secretariaat:

‘Envelop na envelop wordt dichtgeplakt. Het enige geluid dat uit het normaal zo gezellige secretariaat komt is diep gezucht, geritsel en af en toe een heel zacht ‘nog maar 600…500…’.’

Vorige week is de tentoonstelling Nature geopend in Rome. De tentoonstelling is in het MAXXI, een museum voor kunst en architectuur in de 21e eeuw.

 

Het Rotterdamse architectenbureau West8, opgericht door Adriaan Geuze, toont er de komende drie maanden “The Stolen Paradise”, aangevuld met ander werk onder de noemer “Nature” . Zo staan er maquettes van de Borneo-Sporenbrug (Amsterdam), de Oosterscheldekering (die West8 “bekleedde” met een tweekleurig tapijt van schelpen), de Botanische brug (Korea), Lincoln Park (Miami Beach) en een prototype houten fiets voor het fietsenplan op Governors Island (New York).

 

Vorig jaar kreeg West8 van het MAXXI de opdracht de relatie tussen natuur en kunstvaardigheid in beeld te brengen. Dat werd door de ontwerpers uitgebeeld door silhouetten van bomen, die een illusie van een paradijselijke atmosfeer oproepen. De bomen van zes tot negen meter hoog zijn gemaakt van wit, brandvertragende stof. De stoffen werden gelaserd in het TextielLab. Het TextielLab borduurde appels en dennenappels in de bomen.

 

Ontwerper Adriaan Geuze: “We werden geïnspireerd door het licht dat via de dakramen naar binnen schijnt. Dat licht wordt nu als het ware gevangen door de witte silhouetten van de doorzichtige bomen, die met hun schaduw een fantastische atmosfeer creëren.

 

De West8-tentoonstelling is nog te zien tot 21 augustus.

 

Met dank aan Hedwig Zeedijk (correspondent te Rome) voor tekst en foto’s

 

 

Het ontwerpersduo Maarten Kolk en Guus Kusters is momenteel bezig met het doen van proeven voor de door hen bedachte tentoonstellingsbelettering. De titel van de tentoonstelling zal worden geborduurd, dwars door een houten paneel heen. Ze hebben garens uitgeprobeerd. De letters ‘Ma’ zijn van de tekst ‘The making of …’en het woord ‘Textiel’ is voor het kleinere tekstbord ‘TextielLab’. Ze vinden de garens nog wat te dik en gaan nog verder met experimenteren…

Frederik de Wal ontwerpt alle uitingen voor Audax Textielmuseum Tilburg. Dus ook voor alle tentoonstellingen. Overigens is het grafisch ontwerp van de tentoonstelling zelf wel steeds van een andere ontwerper. Op 8 april 2011 kwamen Caroline Boot (conservator tentoonstelling The Making of … Projects from the TextielLab), Frederik de Wal en ik (Floor Westerburgen, verantwoordelijk voor pr & communicatie Textielmuseum) bij elkaar om te brainstormen over de flyer, de poster en de uitnodiging. Voorwaarden voor de vormgeving waren dat het om een zomertentoonstelling gaat. Een tentoonstelling met veel klinkende namen. Met bijzonder grafisch werk van het duo Maarten Kolk & Guus Kusters. Dat het proces (schetsen, proeven en stalen) en niet zozeer de eindproducten een rol moeten spelen. Frederik ging aan de slag met de ingrediënten uit de brainstorm. En het eerste idee werd geboren.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

En dan eerste beeld (tuftraam met Hester) Frederik zei er zelf over: `Ik vind dat het goed werkt omdat het verre van afstandelijk is. Het rommelige, organische, on-affe…´ Toch keurden Caroline en ik deze versie af. Binnen de grenzen van de stijl van het huis was het voorstel niet zo sprankelend/ hip en een beetje tam/ braaf. Ook de kleurstelling was niet helemaal naar wens. Het gaat om een zomertentoonstelling voor en door relatief jonge ontwerpers. We vonden het beeld wel goed (tuftraam met gezicht erachter). En we gaven aan dat we toch alle klinkende namen die deelnemen aan de tentoonstelling wilden noemen. Het tweede voorstel kwam.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wat ons betreft veel beter. Met een zomerse, warme uitstraling. Ook het schetsmatige, het procesmatige kwam er veel beter in terug. Maar we waren nog steeds niet 100% tevreden. We wilden liever echt een schetsmatige opzet. Zodat ook ´The making of´ van het pr materiaal betekenis krijgt. Je ziet als het ware de ontwerper een schetsmatige opzet maken voor de poster. Het derde voorstel kwam.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Helemaal tevreden! Vandaag (19 mei 2011) wordt het materiaal geleverd door Drukkerij Gianotten en kunnen we gaan verspreiden.

Borre Akkersdijk experimenteerde, op uitnodiging van het museum, de laatste weken op de grote rondbreimachine in het TextielLab met het maken van dik opgevulde breisels. Speciaal voor zijn project werden zogenoemde bandfournisseurs aan de machine bevestigd. Hiermee is het mogelijk breisels te maken die met vuldraden worden opgevuld. Het ontwerp dat hij wilde maken is via tekeningen en photoshopbestanden aangeleverd. Om de dikte van de stof tot stand te krijgen opperde hij zelf wat ideeën. Er bleek al snel een wederzijds begrip te zijn voor hoe en wat er gebeuren moest.

 

Wat de materialen betreft was er zeker nog wat onderzoek nodig. Na de materiaaltesten werden er proeven gedaan om het volume, dat de ontwerper voor ogen had, te krijgen. De materialen die gebruikt worden zorgen voor het resultaat. Als de stof uit de machine komt ziet deze er vlak uit maar na het stomen krimpt de stof en ontstaat het volume. Het breisel bestaat uit katoen en nylon. De nylon speelt een belangrijke rol bij het stomen want hij zorgt voor de gevraagde krimp. De katoen blijft zijn waarde behouden en komt dus naar boven.

Wat als laatste nog erg belangrijk is, is dat de kleurmengingen de stof nog levendiger en spannender maken. De mengingen zijn echter uit nood geboren. De kleuren die standaard aanwezig zijn bleken niet genoeg en ook wel saai. Door de mengingen ontstonden kleuren waar we vrolijk van worden. We hebben de samenwerking met deze ontwerper ervaren als leerzaam en interessant. Valt zeker wel te vermelden dat het belangrijkste van alles is dat je “dezelfde taal spreekt”.

Een kijkje achter de schermen in de technische werkplaats van het Audax Textielmuseum Tilburg.

Precies volgens de werktekeningen van de vormgevers Maarten Kolk en Guus Kusters wordt momenteel het expositiemateriaal, zoals vlonders, vitrines en kasten, gemaakt en in elkaar gezet.

Men is druk bezig met het zagen, timmeren, lassen en schilderen. Er worden o.a. metalen constructies gelast, die met houten stroken worden ‘bekleed’. Enorm veel gaatjes (wel 5000!) zijn er geboord om alles vast te kunnen zetten. Niet alleen de timmerwerkplaats is volop in bedrijf, maar ook de metaalwerkplaats. De finishing touch wordt aangebracht door de schilder.

Bertjan Pot schrijft het volgende op zijn website:


‘During my study at the Design Academy Eindhoven I really enjoyed being taught how to weave and knit and I still think this is reflected in my work. I think that one of the reasons why textile is so interesting to me is that it is interesting on all levels. If you look at it with a magnifying glass, or just up close, or from a distance, as a piece or garment that someone is wearing or as a curtain with a nice texture on it seen from the other side of the room.’


Onze conservator Caroline Boot heeft Bert Jan Pot gevraagd om tafelgoed te ontwerpen en dit uit te laten voeren in het TextielLab. Letters worden bij het weven meestal als plaatjes gezien. Omdat ieder draadje programmeerbaar is, was het voor Bertjan Pot een intrigerend gegeven om letters juist vanuit weefbindingen (de wijze waarop van inslag- en kettingdraden elkaar kruisen) te construeren. Vanuit deze gedachte ontwierp hij een font (een lettertype). Na veel proeven is het gelukt de (kleine) letters duidelijk te weven. Ook na het wassen van het tafelgoed blijft de tekst te lezen. Hij gebruikte zijn font voor een tafellaken dat geheel met tekst is gevuld. Het moest een ‘onzinnige’ tekst zijn en omdat hij toch zijn teksten van het internet plukte kwam hij op Wikipedia terecht. In het tafelgoed zijn ca. 10 tot 15 wiki’s verwerkt, zoals de wiki van wikipedia, de wiki van Michael Jackson en van Haiku. De boodschap van dit product is de totstandkoming van de letter, niet de inhoud van de tekst.


In ons confectie-atelier worden de producten netjes afgewerkt. Het tafelgoed (een tafellaken met 6 servetten) zal straks te koop zijn in de TextielShop (prijs euro 199.50).


Textielwarenkennis is een ouderwets begrip voor kennis van textiel. Het woord wordt veel gebruikt in de boeken in de bibliotheek. Omdat het bij het leren over textiel zo belangrijk is om materiaal te voelen en te zien, is er in de bibliotheek een Textielwarenkast ingericht. Het verhaal van grondstof tot eindproduct wordt verteld in deze bijzondere kast. In 24 lades zitten bijna 50 grondstoffen, halffabricaten en eindproducten van textiel. Bijna alle materialen, op enkele historische na, mogen aangeraakt worden. Een nieuwe manier van informatieoverdracht in een bibliotheek!

Natuurlijk zijn in de bibliotheek ook veel boeken met de basiskennis over textiel aanwezig. Recent zijn er een aantal mooie nieuwe publicaties uitgekomen.


Fabric for fashion : a comprehensive guide to natural fibres / Clive Hallet and Amanda Johnston. – Londen : Laurence King Publishing, 2010.


The Fashion Designer’s Textile Directory : the creative use of fabrics in design / Gail Bauch. – London : Thames & Hudson, 2011.


J.J. Pizzuto’s Fabric science / Allen C. Cohen, Ingrid Johnson, Joseph J. Pizzuto. – New York : Fairchild Books, 2010.